[./start.html]
[./informatie.html]
[./lid_worden.html]
[./aanvraag_optreden.html]
[./agenda.html]
[./repertoire.html]
[./prijzenkast.html]
[./shanty.html]
[./sponsors.html]
[./korenfestivals.html]
[http://picasaweb.google.com/Driemastersfotos]
[./leden.html]
[Web Creator] [LMSOFT]
Shantykoor "De Driemasters"
                                                                                Driebergen
WAT IS EEN SHANTY
Wat is een Shanty?
Er bestaan drie categorieën zeemansliedjes: Shanty's, ceremoniële liedjes en bekende volksliedjes. De oudste zeemansliederen die bekend zijn, stammen uit de 15e eeuw. Het zeemanslied kwam pas goed tot ontwikkeling aan het einde van de 18e eeuw. De viool en de fluit waren meestal de begeleidingsinstrumenten en vanaf de 2e helft van de 19e eeuw ook de trekzak of de harmonica. Bij gebrek aan voldoende muziekinstrumenten gebruikten de matrozen ook vaten, blikken en bestek.


De melodie van de shanty heeft een Afrikaanse oorsprong. Negerhut is de oorspronkelijke betekenis van het woord shanty. Schepen die negerslaven vervoerden werden shanty's genoemd, naar de krottenwijken met negerhutten.
Na de afschaffing van de slavernij gingen veel negers varen bij de koopvaardij en zongen daar hun liedjes. Deze songs werden door de Europese matrozen ( vooral Ieren en Engelsen) gemengd met bekend volksliedjes. Uit deze combinatie zijn de zeemansliedjes ontstaan die we shanty's noemen.

De teksten van de huidige shanty's zijn in een aantal gevallen erg ingetogen en zachtaardige versies van erg rauwe originelen. De zee is en was de inspiratie voor maar één ander onbereikbaar iets. In de liedjes vind je terug waar de zeeman van droomde en wild over fantaseerde: vrouwen. Zij waren de uitlaadklep voor een naar huidige maatstaven beestachtig hard en eentonig bestaan. Er zijn van de diverse liedjes dan ook minimaal 2 versies: één die ze op zee zongen en de ander als er vrouwvolk of hoog bezoek aan boord was. Wat ook gebeurde is dat men de schunnige woorden in een lied niet zong maar floot. In de tijd van de VOC werkten op onze schepen veel buitenlanders als matroos.

Nederlanders voelden niet zo veel voor een bestaan op zee. Wel waren - net als nu - de officieren meestal Nederlanders. Veel van de liedjes uit die tijd hebben een wervend karakter of een communicatieve functie. De verrichtingen van onze zeehelden verspreidden zich op deze manier om de moed er in te houden bij Jan Matroos. De mannen zongen shanty's ter ondersteuning van het zware werk aan boord. Dat moest meestal in een bepaald vast tempo worden uitgevoerd. De liedjes moesten ervoor zorgen dat de bemanning effectief en gecoördineerd bewoog, om het ritme en tempo vol te houden. Deze vaak eenvoudige teksten brachten matrozen ten gehore bij het hijsen van de zeilen, het lichten van het anker, het draaien van de ra, het pompen en het laden en lossen. De regel was dat wat je zong niet tegen je kon worden gebruikt. Zo werden er teksten gemaakte over de slechte omstandigheden aan boord en het gedrag van de officieren. Om je frustraties af te reageren konden deze liederen worden gezongen zonder dat je ervoor werd gestraft. Er werd gezongen in het Nederlands, Engels, Frans of Duits.



Niet alle matrozen zongen uit volle borst het gehele lied mee. Een shantyman ( voorzanger) zong de coupletten en de andere matrozen de keerregels en de refreinen. Hoe beter de shantyman voorzong, des te beter en sneller deden de matrozen hun werk. Een goede shantyman kreeg extra betaald, omdat toen ook al gold:"tijd is geld".

Er werden zeker in de 16e eeuw niet alleen maar schunnige liedjes gezongen. Ook zong het zeevolk ceremoniële - en volksliedjes. Deze liedjes hebben direct betrekking op het leven en werken aan boord. Ze werden gezongen op vaste tijden, bijvoorbeeld tijdens het wisselen van de wacht of het wekken van de matrozen. Ook bij plechtigheden als een begrafenis hoorde je ze aan dek. Tegenwoordig zouden we verbaasd reageren als de dokter het spreekuur zingend zou aankondigen met:"Kreupelen en blinden, komt en laat u verbinden". Vroeger was dit echter heel gewoon. Zo'n ceremonieel lied begon met het vragen van de aandacht en vervolgens gaf de zanger de boodschap door. Iedere vier uur ( acht glazen) wisselde de wacht en bij zo'n wisseling hoorde een "kwartierlied".

In tegenstelling tot de shanty's en ceremoniële liedjes die alleen aan boord werden gezongen, ontstonden er populaire zeemansliedjes aan de wal. Veel volksliedjes zijn zelfs geschreven door mensen die nog nooit op zee zijn geweest. Je hoorde ze in zeemanskroegen, op bruiloften en partijen en op kermissen. Maar als er aan boord reden was om feest te vieren, dan zong men ze ook daar.

Uit reisverhalen blijkt dat op bepaalde hoogtijdagen en na het passeren van gevaarlijke banken en klippen aan boord werd gemusiceerd, gedanst en gezongen. Vaak combineren deze volksliedjes vrolijke en ernstige voorvallen uit het zeemansleven. Meestal is er wel iets van moraal of propaganda in te vinden. Soms waarschuwt de tekst voor lichtzinnig gedrag, maar dikwijls worden de liefjes - uit de havens - in het lied juist bezongen als lokmiddel om toch vooral aan te monsteren. Het gezegde: Eens een zeeman, altijd een zeeman" bestaat niet voor niets. De matroos die na 7 jaar varen eindelijk weer voet op Nederlandse bodem zette, joeg in 6 weken tijd zijn zuur verdiende geld erdoor. Hierna bleef er maar één oplossing over: Opnieuw aanmonsteren. Shantyliederen zijn opnieuw populair en mogen op een grote groep liefhebbers rekenen. De liedjes zijn vlot en door de veelal eenvoudige teksten en melodieën snel door een ieder mee te zingen.